Op uitnodiging van de gemeente Barneveld nam DPC voorzitter Jan Wolleswinkel van 18 tot en met 24 oktober 2015 deel aan een economische missie uit de regio Food Valley naar Zuid Korea. Een tegenbezoek nadat al tweemaal een missie uit dat land de regio Food Valley en in het bijzonder de gemeenten Barneveld en Wageningen had bezocht. De Koreaanse stad Iksan (305.000 inwoners) is het centrum van de voedsel- en kennisindustrie en heeft met twee universiteiten behoefte aan verdieping met de contacten in Nederland. Men is bezig een zogeheten Foodpolis te ontwikkelen waarin activiteiten op het gebied van voedsel en voeding geclusterd worden. Op een 358 ha groot terrein vinden nu de eerste bouwactiviteiten plaats. Men kijkt daarbij ook naar de wijze waarop in ons land Food Valley zich ontwikkeld heeft.

Poultry Expertise Centre in Iksan

Voor de Nederlandse pluimveehouderij is met name van belang dat het Poultry Expertise Centre (PEC) in Barneveld exclusieve rechten krijgt om een dergelijk centrum ook in Iksan op te zetten. Bij het PEC zijn meer dan tien DPC deelnemers betrokken en een uitrol naar Zuid Korea kan de naamsbekendheid van deze bedrijven alleen maar vergroten. Bovendien laat de samenwerking op het gebied van kennisoverdracht duidelijk zien dat de “Dutch approach” werkt. Door samen te werken ontstaan nieuwe mogelijkheden waar de hele pluimveesector van kan profiteren.

Eén en ander is vastgelegd in een Memorandum of Understanding (MOU) dat door de burgemeesters van Iksan en Barneveld is ondertekend. Deze ondertekening kreeg veel publiciteit in de Koreaanse media. Tijdens het bezoek aan Harim, de grootste pluimveeintegratie van Zuid Korea, werden door een aan de missie deelnemend bedrijf en overheden afspraken gemaakt voor een vervolgtraject. Nader contact wordt door de Koreanen ook gezocht voor het door ontwikkelen van apparatuur om snelle AI tests te kunnen uitvoeren. Ook werd aandacht gevraagd voor de toevoeging van kruidenextracten aan vleeskuikenvoer. Dit om darmstoornissen (coccidiose) te verminderen en daarmee het gebruik van antibiotica te reduceren. Ook op dit terrein zijn vervolgafspraken gemaakt.

 

 

 

 

 

 

 

Melk bevat evenals eieren veel essentiële nutriënten. Het was daarom buitengewoon boeiend om tijdens het DPC Marktcafé te horen wat FrieslandCampina doet om die te gelde te maken. Vooral omdat deze zuivelreus alles in het werk stelt om dit op een zo duurzaam mogelijke manier te doen.

 

 

Het Marktcafé van september vond plaats in het FrieslandCampina Innovation Centre in Wageningen. Beperkingen aan de bezoekerscapaciteit van dit in 2013 door Koningin Maxima geopende onderzoekscentrum maakte dat alleen leden van het DPC waren uitgenodigd. Ondanks de ruime aanmelding maakten slechts iets meer dan twintig leden hun opwachting in dit imposante complex. Na een korte introductie door voorzitter Jan Wolleswinkel werd een uiteenzetting gegeven over het ontstaan van FrieslandCampina.

Ambities

Dr. Ger Willems, Director Scientific Affairs en Site Manager, schetste de geschiedenis en de structuur van het zuivelbedrijf. Het begon allemaal in 1871 met een paar boeren; anno 2015 is Friesland Campina met 19.054 leden-veehouders een van de grootste zuivelproducenten ter wereld. Door de export van een groeiend aantal producten naar meer dan 100 landen wordt een jaaromzet van ruim 11 miljard euro gegenereerd. De ledenraad beslist over belangrijke strategische plannen, maar de uitvoering ligt bij de directie van Royal FrieslandCampina NV. Ger Willems schetste de grote ambities van het bedrijf: “Friesland Campina wil niet persé de grootste zijn, maar wel de beste. Productkwaliteit en -veiligheid door de gehele productieketen heen staan hoog in het vaandel.” Door de samenvoeging van alle R&D afdelingen van het bedrijf in dit ultramoderne gebouw op de Campus in Wageningen – volledig ingericht op Het Nieuwe Werken - is ook de doelstelling van het centrum aangepast. Innovatie staat voorop en R&D is het gevolg. Daarmee is alles gericht op het ontwikkelen van nieuwe zuivelgerelateerde producten en hun verpakking. En dat was tijdens de rondleiding te zien.

 Van gras tot glas

“FrieslandCampina zet hoog in als het gaat om verduurzaming van de zuivelindustrie,” vertelde Manager Corporate Environmental affairs & Sustainability, Dr. Jaap Petraeus‎. Daarbij spelen dierwelzijn en bescherming van het milieu een grote rol. Door de groeiende wereldbevolking en toename van de inkomens in veel exportlanden heeft de zuivelindustrie een goede toekomst. Anderzijds heeft men te maken met een ouder wordende boerenstand en schaarste aan natuurlijke hulpmiddelen, zoals landbouwgrond, water en energie. “We zetten vooral in op het terugdringen van het antibioticagebruik, het verhogen van de leeftijd van de koe (door reductie van mastitis en klauwproblemen) en zichtbare zorg voor het landschap en natuur door toepassing van de kringloopwijzer”, benadrukte Petraeus, “Onze afnemers willen kunnen bouwen op een duurzame aanpak en dus moeten we dat garanderen.  Daarom gaan we voor verduurzaming van gras tot glas. Het kost evenwel tijd om met de ketenpartners tot overeenstemming te komen als het gaat om verduurzamen en de verdeling van de daaraan verbonden kosten.”

In dat opzicht verschilt de problematiek niet veel van die van de pluimveehouderij, maar de integrale aanpak is bijzonder. Is het een voorbeeld om te volgen? Die vraag blijft vooralsnog onbeantwoord. Maar het heeft de aanwezigen tot nadenken gezet, aldus Jan Wolleswinkel na afloop. Hij bedankte de heren van FrieslandCampina voor de inspirerende uiteenzettingen en de gelegenheid om een kijkje in hun keuken te mogen nemen.

Dr. Ger Willems laat zien welke producten en merken er zoal door FrieslandCampina op de markt worden gebracht.

Een kijkje in een uit elkaar spattende druppel melk en welke bestanddelen daarin zitten.

Jan Wolleswinkel bedankt de heren Willems and Petraeus voor de gastvrijheid en hun verhalen.

 

Dit bezoekverslag is geschreven door: Wiebe van der Sluis

Onlangs werd een Dutch-Chinees Poultry Forum georganiseerd in Chongping (China)  door DPDA, waaraan diverse Dutch Poultry Centre leden een bijdrage leverden.  Het forum werd bezocht door 23 Chinese pluimvee bedrijven met 80 personen. Een teken dat er nog veel belangstelling is voor de Nederlandse producten en methoden in China.

 

China ontwikkelt zich snel, vooral via totale integraties in de pluimveesector.  Maar er is nog steeds een behoorlijk verschil met Nederland op het gebied van integratie aanpak, het technische niveau van installaties en de deskundigheid van mensen.  Men ziet Nederland als leider in kennis ontwikkeling, onderwijs en praktijkscholing, technologie en installaties en de gezondheidsbewaking.

Ook ziet met de nieuwe systemen en methoden steeds in Nederlands ontstaan en opbloeien.

 

Voor de “Best Practices” op het gebied van o.a. duurzame productiemethoden, efficiënt produceren en besparing op grondstoffen moet je dus in Nederland zijn vinden de organisatoren van het forum. De DPC leden Jansen Poultry Equipment, Fancom BV, Hato Agriculture Lighting, Dorset GM en Nijhuis onderstreepten dit in hun bijdragen op dit forum.


Uit de zaal kwam de wens naar voren om dit forum ook volgend jaar weer te organiseren.  Ondertussen wordt ook onderzocht of er dit jaar een tweede oriëntatie bezoek aan Nederland gebracht kan worden, zoals dat ook begin dit jaar al plaats vond.

Forum

Foto 1. Veel aandacht voor het forum.

China

Foto 2. Henk Haring wordt geïnterviewd door de CAAA media group.

Het ministerie van Economische Zaken in Qatar heeft met de Nederlandse landbouwraad in dat gebied gesproken over hun plannen om de uitbreiding van de pluimveevlees en eieren te stimuleren.  De landbouwraad, dr. Hans van de Beek, heeft vervolgens DPC benaderd om een bedrage te leveren aan een seminar in Qatar.

Op het seminar hebben we uitleg gegeven over de “Dutch Approach”; een integrale benadering van de productie keten, waarbij elke schakel invloed heeft op de andere schakels. Zo begint een voedselveiligheid al in  de eerste schakel van de keten.  Juist omdat zowel productie en  productie bewaking in Nederland al op een hoog peil staat en Nederlandse bedrijven sterk internationaal georiënteerd zijn, zijn die in staat de kwaliteitseisen goed te vertalen naar omstandigheden zoals die in Qatar heersen. Ook waren er enkele Nederlandse bedrijven aanwezig die meer inzoomden op onderdelen van de keten. 

De gasten die het seminar bijwoonden waren deels afkomstig van het ministerie van Economische zaken en deels bedrijven die kansen zien in het opzetten van pluimveeketens. In totaal z’n 30 personen.  Met diverse gasten is al contact geweest en konden we hun Nederlandse bedrijven voordragen die kunnen helpen bij het opzetten van installaties voor de verschillende schakels.

Qatar

Op woensdag 27 mei jl. vond in Hotel van der Valk in Veenendaal het Nationaal Pluimveecongres 2015 plaats. Een ruime 300 vakgenoten beleefden een congres met inspirerende sprekers, die elk hun visie deelden op de toekomst van de Nederlandse pluimveehouderij. Het congres werd georganiseerd door het Dutch Poultry Centre en LTO Nederland/NOP. De organisatie was in handen van Dutch Poultry Centre. Dagvoorzitter was Fabian Brockötter, hoofdredacteur Pluimveehouderij. VIV Worldwide en Rabobank waren hoofdsponsors.

Voorzitter van het Dutch Poultry Centre Jan Wolleswinkel opende het congres. Hij ging in op het centrale thema van het congres: "Leren van de toekomst - De toekomst zal het leren". De heer Wolleswinkel verwoordde er trots op te zijn dat de Nederlandse kennis - de Dutch Approach - met succes de wereld over gaat, maar benadrukte het belang om scherp te blijven: op de wereldmarkt maar ook op de ontwikkelingen in eigen land.

Aalt Dijkhuizen schetste een beeld van toekomstige goede marktkansen: "Het voeden van een groeiende wereldpopulatie vormt een geweldige uitdaging." Meer welvaart, meer mensen met middeninkomens, meer vraag naar voedsel. "In de komende 40 jaar is er meer voedsel nodig dan in de afgelopen 4.000 jaar. Hierbij is productiviteit het sleutelwoord." De heer Dijkhuizen voorziet dat de consument een steeds sterkere rol krijgt in de nabije toekomst. Voedselveiligheid, tracking en tracing zijn de grootste risicofactoren in productiesystemen. Nederland heeft een uitstekend imago op het gebied van kennis, technologie en voedselveiligheid. "Het is van belang dat je hierin voorop blijft lopen. Blijven ontwikkelen dus."

Ruud Zanders bracht een mooi overzicht van 50 jaar pluimvee, onderwijs en maatschappij in beeld. "De praktijkscholen hebben een grote bijdrage geleverd aan de huidige internationale positie van de pluimveesector." Frank Dales adviseerde de aanwezigen om te werken aan een toekomstvisie op integrale verduurzaming van de gehele sector, inclusief concrete doelen en een uitvoeringsplan. Ruud Huirne schetste de vooruitzichten van de (internationale) pluimveesector op het gebied van vlees, vermeerdering en leg. Daarnaast ging hij in op het belang van kwalitatief ondernemerschap in een tijd van veranderend consumentengedrag. 

 

Hieronder kunt u de presentaties van de sprekers nogmaals nalezen:

 

 

© 2020 Dutch Poultry Centre